maandag 21 december 2015
Stormenderland - Tien hoge gasten

Tien hoge gasten

Tien hoge gasten,
Op het bruiloftsfeest,
Tien hoge gasten,
Terug van weggeweest.

Eerst kwam de hertog van Donderomdein,
Aangeboemeld in de trein.
Toen kwam de hertogin van Donderomdee,
Aangegleeën in de slee.
Toen kwam de graaf van Sirrekiebom,
Rollend in een grote trom.
Toen kwam jonkvrouw Kallemoeie-Kakkedoe,
Springend op een kangoeroe.
Toen kwam kleine Jantje-Contantje-Rib-Uit-Me-Lijf,
En toen waren het er vijf.

Toen kwam de markies van Wiedewiedewaddewieter,
In een lekke gieter.
Toen kwam de edele vrouwe Foei-Feke-Bake-Mui,
In een grote regenbui.
Toen kwam freule Judderemeule-Hoet-Hoet-Hinke,
En o wat deed die stinken.
Toen kwam de keurvorst van Bingeldebang-Debongeldebang-Deboezemij,
Verborgen in een kippeëi.
Toen kwam kleine Hobdobberdob-Kappekappekuuske-Mij-Niet-Gezien,
En toen waren het er tien.

En ze aten en ze dronken
En ze zwaaiden naar elkaar,
En ze dansten en ze sprongen
En toen waren ze wel klaar.