maandag 28 december 2015
Stormenderland - Filosofenlied

Filosofenlied

(vertaling van de Philosophers’ Song van Monty Python, 1982)

John Stuart Mill, uit eigen vrije wil
Gaf na één glaasje sherry een verschrikkelijke gil

Hugo de Groot, dronk geen druppel maar een sloot
Zoop z’n eigen van de rotsen en was toen helemaal dood

Kierkegaard was een ouwe taart
Als hij even niet kon denken ging hij drinken als een paard

Thales van Milete, hield meer van drinken dan van eten
Jacques Derrida dronk ervoor en erna

Immanuel Kant, was een dronken klant
Na een half kratje bokbier liep het helemaal uit de hand

René Descartes, raakt hem dagelijks hard
Ik drink en daarom ben ik.

Friedrich Nietzsche bleef maar speechen
En trok menig flesje open
Schopenhauer zelf was voortdurend straalbezopen

Hegel had een kegel, van de Spree tot vliegveld Tegel
Stonk nog erger uit zijn bek dan Friedrich Wilhelm Schlegel

Plato, heel graag, dronk een stuk in zijn kraag
Morgen is hij nuchter maar het is elke dag vandaag

De stinker La Bruyère, die om zijn borrel liep te blèren
En La Rochefoucauld hadden veel te veel gezo-

John Locke John Locke, liep de gaten in zijn sokken
Om zijn dagelijkse portie ouwe klare weg te slokken

En Wittgenstein, wie is dat zwijn?
Die dronkelap die ken ik.

Alleen Socrates ontbreekt met zijn betweterige porum
Hij heeft een helder koppie maar is altijd in de lorum!

Schopenhauer Schopenhauer was een grootverstouwer
Dronk elke dag een liter van die zoete curaçaoer

Het gelal van Pascal, interesseerde hem geen bal
Zolang hij maar kon zuipen als de beesten in ’t heelal

Heidegger is niet lekker, ligt te balen als een stekker
Hij mist zijn rode wijntje bij de broeierige Brie

Berkeley de bisschop: “als ik nu en dan eens misschop,
Komt dat niet omdat ik dubbel zie”

De cynicus Diogenes, gaf niet alleen zijn ogen les
Maar leste van de ochtend tot de avond ook zijn dorst

Spinoza kwam bezopen uit de moederschoot gekropen
Wat de overburen zeiden was hem duidelijk een worst

Alleen Socrates ontbreekt met zijn betweterige porum
Hij heeft een helder koppie maar is altijd in de lorum!

Bis!